Leerlingen die na de basisschool een jaar intensief taalonderwijs krijgen in een zogenoemde kopklas, zien hun schooladvies sterk stijgen. Dit blijkt uit een studie naar de effecten van schakelklassen.
Van een onderzochte groep van 118 kinderen, die alleen een achterstand hebben op taalgebied, steeg het aandeel in 2007-2008 met een havo/vwo-advies van drie tot 70 procent. Dit rapporteren de onderzoeksinstituten ITS uit Nijmegen en SCO-Kohnstamm uit Amsterdam.
De schakelklas verbetert resultaten op alle niveaus en ook op andere momenten in de basisschooltijd. "Behalve de duidelijke resultaten voor de kopklas na groep 8, boekten ook de schakelklassen naast groep 3-4 veel vooruitgang. Eigenlijk doen de leerlingen in alle schakelklassen het beter dan leerlingen die daar niet in zaten", aldus SCO-onderzoekster Ineke van der Veen.
In een schakelklas krijgen kinderen intensief taalonderwijs in kleine groepen van meestal minder dan tien. Ze bezitten doorgaans een gewone of bovengemiddelde intelligentie, maar kampen met een duidelijke taalachterstand. Uit het onderzoek blijkt dat de leerlingen in rekenen niet achteruitgaan, en dat ze zich door opname in de aparte groep niet gestigmatiseerd voelen.
Intensieve aandacht voor taal in kleine groepjes lijkt een van de succesvollere manieren om achterstanden te bestrijden. Staatssecretaris Dijksma van Onderwijs wil dan ook doorgaan met de schakelklassen, die nog elk jaar groeien in aantallen scholen en deelnemers. In 2007-2008 hadden 429 scholen in 68 gemeenten een schakelklas, voor in totaal 4.500 leerlingen. Dat aantal is dit schooljaar gegroeid tot 6.200 leerlingen in 80 gemeenten.
Gemeenten en scholen bepalen zelf hoe de schakelklas vorm krijgt: meestal parallel aan een van de groepen 1 tot en met 8. Maar ze kan ook als extra tussnjaar zijn ingepland tussen de groepen, of vóór de instroom in groep 1. Doel is steeds doorstroming op een gewone school mogelijk te maken.
Bron: Volkskrant, 25-06-2009