Reactie Stichting Lezen en Schrijven op opzeggen bestuurlijke afspraken laaggeletterdheid

Vandaag heeft de VNG de bestuurlijk afspraken laaggeletterdheid 2020-2024 tussen het Rijk en de VNG opgezegd. Belangrijkste redenen zijn het tekort aan financiële middelen en dreigende bureaucratie in de uitvoering. Stichting Lezen en Schrijven vindt dit zorgelijk. We hopen dat het Rijk en de gemeenten snel met elkaar in gesprek gaan en dit bestuurlijke knelpunt oplossen. Stichting Lezen en Schrijven zal ondertussen gewoon doorgaan met het ondersteunen van gemeenten en maatschappelijke organisaties bij de aanpak van laaggeletterdheid. Omdat het voor Stichting Lezen en Schrijven erom gaat dat iedereen mee kan doen: ook als je moeite hebt met lezen en schrijven.

Bestuurlijke afspraken

Het Rijk en de VNG hebben in het najaar van 2019 afgesproken dat eind 2024 álle gemeenten in Nederland een integrale aanpak van laaggeletterdheid moeten hebben. En dat de gemeenten hierover de regie hebben. Meer zicht op de cijfers en resultaten en zorgdragen voor kwaliteit in het non-formele aanbod, waren ook doelstellingen voor de komende jaren. Deze aanpak moet ertoe leiden dat uiteindelijk meer laaggeletterden, en specifiek meer  laaggeletterden met Nederlands als moedertaal (NT1), worden bereikt en opgeleid. Voor Stichting Lezen en Schrijven is die decentrale uitvoering een gegeven. Het ligt voor de hand dat de aanpak van laaggeletterdheid lokaal of regionaal wordt vormgegeven. Op lokaal niveau is de link met het sociaal domein beter te maken en staat het bestuur het dichtst bij de mensen waar het om gaat.

Anderzijds vinden we dat de Rijksoverheid een verantwoordelijkheid heeft voor de kwaliteit en toegankelijkheid van het educatieve stelsel. Daarom zijn heldere bestuurlijke afspraken tussen beide partijen belangrijk voor de aanpak van laaggeletterdheid.

Ondersteuning Stichting Lezen en Schrijven

De Rijksoverheid heeft Stichting Lezen en Schrijven gevraagd gemeenten te helpen bij het vormgeven van een duurzame aanpak van laaggeletterdheid in de periode 2020-2024. De afgelopen periode is Stichting Lezen en Schrijven al volop aan de slag gegaan om gemeenten te ondersteunen en zijn er al mooie stappen gezet. De verbinding met het sociaal domein wordt op veel plaatsen gelegd en ambities worden vastgelegd in regionale beleidsplannen. Het is belangrijk dat die ambities nu niet verdampen.

Duurzame aanpak vereist meer middelen

Laaggeletterdheid is één van de grootste maatschappelijke vraagstukken van deze tijd: de samenleving wordt complexer en kennisintensiever. De kloof die laaggeletterden moeten overbruggen om mee te komen, wordt steeds groter. Het belang om ook digitaal mee te kunnen doen is door de coronacrisis nog duidelijker geworden. En dat terwijl het aantal laaggeletterden in Nederland nog steeds groeit. Al in 2016 constateerde de Algemene Rekenkamer dat de aanpak van laaggeletterdheid niet in verhouding staat tot de omvang van het probleem. De SER pleitte in haar advies in 2020 voor een substantiële verhoging van het budget, betere samenwerking en het tegengaan van versnippering van beleid. Stichting Lezen en Schrijven deelt het standpunt van de gemeenten dat er voor een duurzame aanpak waarin meer laaggeletterden bereikt worden, veel meer middelen nodig zijn.

Belang van laaggeletterden

Stichting Lezen en Schrijven zou het zeer spijtig vinden als het Rijk en de VNG niet snel tot een oplossing komen. In deze toch al onzekere tijden is het van groot belang dat laaggeletterden de aandacht krijgen die zij verdienen. We gaan in het belang van de doelgroep gewoon door met het ondersteunen van de integrale aanpak van laaggeletterdheid op lokaal en landelijk niveau, samen met partners. Dat doen we met beleidsadvies, beleidsuitvoering, kennis en innovatie, zodat laaggeletterden aan de slag kunnen met het verbeteren van hun basisvaardigheden.

Onze website maakt gebruik van cookies om het gebruik en functionaliteit te waarborgen. Klik hier voor meer informatie over onze cookies.

OK